Home Copyright Print deze pagina Zoeken E-mail
 

Search And Rescue


SAR Helikopter



De Marineluchtvaartdienst speelt een belangrijke rol op het gebied van 'Search And Rescue" (SAR). Het SAR operatiegebied omvat het Nederlandse deel van de Noordzee, de Waddenzee, het IJsselmeer en de Zuid-Hollandse en Zeeuwse stromen. De kustwachtorganisatie is belast met de coördinatie van de SAR-acties. Voor de uitvoering zijn, naast de reddingsdiensten, een Orion marinepatrouillevliegtuig en helikopters beschikbaar. Vierentwintig uur per dag staan een vliegtuig en een helikopter met hun bemanning 'stand-by' om, in geval van calamiteiten, direct bijstand te kunnen verlenen. Een helikopter vliegt tijdens deze acties met twee vliegers, een boordwerktuigkundige (tevens hijsoperator), een arts en een redder (kikvorsman). De taak van het vliegtuig bestaat, afhankelijk van de problemen, vooral uit het opsporen, verkennen en coördineren van de reddingsactie.



SAR

Koninklijke Luchtmacht heeft voor Search And Rescue (SAR) activiteiten op zee reddingshelikopters gestationeerd op Vliegbasis Leeuwarden en op Vlieland. De kleine helihaven op Vlieland heeft noch een militaire wacht, noch een hoge afrastering met prikkeldraad. Slechts een bescheiden hek en een eenvoudige slagboom scheiden de moderne kleine hangar en de helikopter(s) van de Search And Rescue vlucht van het publiek dat vooral in het toeristisch seizoen soms in drommen komt kijken. De heldere, geel met rode kleuren, de letters SAR en de titel 'Koninklijke Luchtmacht' op de Augusta-Bells benadrukken dat het hier weliswaar om een militaire eenheid gaat, maar dan toch wel één niet met een gevechtstaak, maar met een humanitaire opdracht.
"Helihaven t.b.v. reddingsoperaties. Verboden toegang", staat er slechts op de borden. Dat 'Verboden toegang' moet omdat je anders geen been hebt om op te staan bij kwaadwillende. Maar het hek is met opzet gekozen vanwege de laagdrempelige uitstraling" vertelt eerste luitenantvlieger Rob Duran terwijl hij wijst naar de blauwe borden. Het geeft aan hoe dicht de taken bij de burgerij willen staan.

Hoofdtaak is echter het opsporen en redden van militaire piloten, die in zee zijn gevallen bij schietoefeningen op Vlieland. Daarnaast kunnen de helikopters worden ingezet bij andere reddingsoperaties op zee. Er wordt veel geoefend in het maken van verbinding met schepen en het daarop neerlaten van de redder en het afvoeren van gewonden. Voor de helikoptervlieger is het extra moeilijk om operaties uit te voeren in de buurt van een zeiljacht in verband met de (beweeglijke) mast en tuigage.


Medevac
Als de range dicht is, staat de heli vliegers voor de secundaire taak: medevac, oftewel patiënt vervoer vanaf de Waddeneilanden naar een ziekenhuis op het vasteland. De bemanning mag dan wel naar huis, maar moet binnen de 20 minuten weer op de vliegbasis kunnen zijn. Iedere bemanningslid heeft een 'pieper'. Zo staat de SAR-vlucht dus 24 uur per dag, 365 dagen per jaar, stand-by. "Als je geconsigneerd bent, legt dat toch meer beslag op je dan je zou denken" zegt Rob Duran. "Het beperkt je erg in je vrijheid, je houdt er steeds rekening mee dat je wordt opgeroepen." De vliegers hebben twee keer per week 24-uurs dienst en één keer in de vier weken weekend-dienst. Vergeleken met de Alouette-periode, toen gemiddeld zo'n 80 patiënten per jaar werden vervoerd, is het aantal vluchten aanzienlijk toegenomen. Let wel, het gaat hier dus alleen om spoedeisende gevallen. Het is te begrijpen dat deze strikt humanitaire taak bij de eilanders zeer populair is. Het is een geruststellend idee dat de luchtmacht je in een noodgeval naar een ziekenhuis kan brengen. 


Geen strikte procedure maar improviseren

Hoewel hier en daar zeer strikte procedures beschreven staan hoe te handelen bij helikopterhulp op zee vindt men bij de SAR, dat je een paar algemene regels in acht moet nemen en de verdere handelswijze moet laten afhangen van de situatie. "Je moet je gezond verstand gebruiken."
De ideale situatie is, dat het schip vaart loopt en daarbij een zodanige koers voorligt, dat de wind ca. 30º over bakboord inkomt. De helikopter zal dan aan bakboord naast het schip hangen op circa 50 voet (15 meter) hoogte. De vlieger zit aan de rechterzijde in de helikopter en kan zo het schip goed zien.


Nooit lijnen vanuit de helikopter vastzetten op het schip

Als er een lijnverbinding tot stand komt tussen helikopter en schip, moet deze lijn op het schip altijd met de hand worden vastgehouden en mag nooit worden vastgebonden.


De helikopter heeft de leiding over de operatie

De helikopter heeft de leiding over de helikopteroperatie. De schipper van het jacht blijft echter verantwoordelijk voor het jacht. Hij dient steeds volgens de regelen van goed zeemanschap te handelen. Afhankelijk van de omstandigheden en de aard van de operatie zal de helikopter zich aanpassen en improviseren. Als er een REDDER vanuit de helikopter aan boord komt, heeft deze aan boord de leiding over de operatie. De schipper voert nog steeds het schip. Als er bijvoorbeeld van koers veranderd moet worden vanwege de waterdiepte, dan is dat de verantwoordelijkheid van de schipper en niet van de helikopter.


Statische elektriciteit

Voordat er een lijnverbinding tot stand komt tussen helikopter en schip dient de helikopter te worden ontladen van statische elektriciteit. Deze ontlading vindt plaats door een geleider contact te laten maken met de zee. Pak daarom nooit een lijn of redder vast, vóórdat deze ontlading heeft plaatsgevonden.


Communicatie
De helikopter is uitgerust met marifoon. De oproep vindt plaats op Marifoonkanaal 16 en verdere communicatie op kanaal 67, tenzij de helikopter anders aangeeft, of de omstandigheden daartoe noodzaken. Eventueel toont de helikopter een bord met daarop "VHF 67".


De eerste lijnverbinding tussen helikopter en schip
Na verkenning rondom het schip en het tot stand brengen van radioverbinding zal de helikopter als de omstandigheden het toelaten een lijn met daaraan een zandzak (minimaal 5 kg) neerlaten, eerst in de zee ter ontlading van statische elektriciteit en dan op het schip. Op een zeiljacht in de kuip. In deze lijn zit een breeklijn. Deze breekt bij een grotere belasting dan 250 kg. Deze lijn zwaait heftig heen en weer: voorzichtigheid is geboden!

Deze lijn mag niet worden vastgezet, maar dient met de hand onder spanning te worden gehouden. Het losse eind wordt bijvoorbeeld in een aan de achterpreekstoel bevestigde puts gedaan.

De helikopter zal proberen op dezelfde positie ten opzicht van het schip te blijven. Dat is gemakkelijker indien het schip vaart loopt en indien er wind staat.

SAR Helikopter


Redder komt aan boord
Als de omstandigheden het toelaten, zal er een redder aan boord komen via een draad aan de helikopter. Voordat hij contact met het schip heeft, moet hij ontladen. Daarna moet het schip hem aan boord halen met de zandzaklijn. Volg daarna de instructies op van de redder. Schipper: let op je schip!


Van schip naar helikopter
Je kunt op verschillende manieren van schip naar helikopter gebracht worden. De helikopter heeft aan de rechterzijde een lier.


Sling.
Aan de hijslijn van de helikopter is een brede band bevestigd. Deze wordt over het hoofd gedaan en dan onder de oksels. Tijdens het hijsen moeten de armen naast het lichaam naar beneden blijven. Vooral niet de armen omhoog steken ! Meestal zal je tegelijkertijd met een redder omhoog worden gehesen, maar het kan ook zijn, dat je alleen reist.

Brancard.
Een brancard kan alleen dan vanuit een zeilschip naar de helikopter worden gehesen, als daarvoor voldoende ruimte is. Als het niet kan moet de gewonde in bijboot of reddingsvlot aan een lijn achter het schip worden gevierd. De redder komt dan daar met de brancard naar beneden en legt de gewonde in de brancard. De brancard is opvouwbaar en kan door de redder in een rugzak worden meegenomen.

Een gewonde, die in zee ligt, kan niet in de brancard worden gebracht.


Organisatie aan boord van het schip

Afhankelijk van de omstandigheden en het aantal bemanningsleden is het verstandig tevoren aan boord een taakverdeling te organiseren. De volgende zaken behoeven voortdurende aandacht:
Algehele leiding. Navigatie en het varen van het schip. Communicatie/radio. Zandzaklijn. Opvang redder.

Pas de tuigage van het schip aan de omstandigheden: als de zeegang het toelaat, vaar op de motor, zonder voorzeil, maar met (gereefd)grootzeil, waarbij de grootschoot strak in het midden staat. Het zeil dient nu als steunzeil.


Enige feiten
Werkmarges helikopter : 120' heen, 1/2 uur werken, 120' terug. Brandstof voor 3 uur, half uur reserve. Kruissnelheid 120'.

Medische instrumenten in helikopter o.a.:
beademingsapparatuur, reanimatieapparatuur, hartbewakingsapparatuur.

De bemanning bestaat uit:
Gezagvoerder (linksvoor), vlieger (rechtsvoor). Rechts achter de vlieger de werktuigkundige/lierman, daarachter de redder. Linksachter zit de verpleegkundige. Er is standaard geen arts aan boord.



Met mede dank aan
www.mastersailing.nl